Poorthek van Frankendael (1783).
Van alle buitenplaatsen, hofsteden en
pleziertuinen die welgestelde Amsterdammers vanaf 1631 in de drooggelegde
Watergraafspolder lieten aanleggen, bestaat alleen nog "het laatste buiten
in de Meer": Frankendael. Het buiten is in 1660 gesticht door Nicolaas van
Liebergen. In 1733 werd het huis door Izaak Balde van Franckendael vergroot en
gemoderniseerd (en kreeg het dus ook zijn huidige naam). Zijn opvolger Jan
Gildemeester, eigenaar/bewoner van Herengracht 475 en sinds 1759 ook van
Frankendael, verfraaide huis en tuin. Hij heeft Frankendael veertig jaar als
(zomer)residentie gebruikt.
De monumentale houten toegangspoort werd in 1783 vervaardigd door Jacob Otten
Husky in Lodewijk XVI-stijl. Het poorthek is versierd met Ionische pilasters,
vazen, festoenen en het wapen van de Gildemeesters (een geharnaste arm met een
knook in de hand). Onder de Mercuriuskop in het medaillon bevindt zich de naam Frankendael
in gouden letters. Aan de achterzijde is het jaartal 1783 in Romeinse cijfers
aangebracht.
In 1952 werd de poort wegens een wegverbreding enige passen achteruit geplaatst
en hersteld.
Ingang Frankendael.
Toegangspoort Frankendael.
Achterzijde toegangspoort Frankendael.